Bindweefsel herstel

Overal in ons lichaam komt bindweefsel voor. Gewrichtskapsel, pezen en banden bestaan voor het grootste deel uit bindweefsel, maar het maakt ook een belangrijk onderdeel uit van o.a. de huid, bloedvaten, spieren en botten. Ook de tussenwervelschijf bestaat uit een kern van een soort taaie, stroperige substantie, met daaromheen ringen van bindweefsel. Wanneer bindweefsel kapot gaat, bv een snee in de huid, of een scheur in het bindweefsel van de tussenwervelschijf, dan herstelt het altijd volgens een zelfde patroon. De tijd die het kost, voordat het herstel helemaal voltooid is, hangt af van het soort weefsel. In zijn algemeenheid kan gesteld worden, dat als het weefsel beter doorbloed is, het ook sneller zal herstellen. Bij botweefsel is dat dan tussen de 6-8 weken, spierweefsel tussen de 12 – 16 weken en banden en gewrichtskapsels tussen de 24 –36 weken. Iemand die veel in beweging is (sporter) geneest sneller en beter dan iemand die stil zit.

Pezen hebben een enorm aanpassingsvermogen aan training. Die aanpassing vindt plaats door veranderingen in de balans tussen opbouw en afbraak van het bindweefsel. Zowel de doorsnede als de sterkte van pezen nemen in de loop van tijd toe. Die aanpassingen lijken vooral het gevolg van bepaalde prikkels in het lokale weefsel. Prikkels die opgewekt worden door optredende trekkrachten. Mechanische krachten die inwerken op het weefsel zorgen bijvoorbeeld voor een toenemende productie van bepaalde eiwitten of zetten de cellen aan tot deling. Dus naast algemene signalen van het lichaam uit het lichaam (zoals hormonen) zijn vooral ook lokale processen verantwoordelijk voor de aanpassing aan verhoogde belastingen. Omgekeerd vindt er in een periode van verminderde belasting afbraak plaats.

Er zitten pijnsensoren in de rug en vooral in de discus, die bij beschadigingen een pijnsensatie in een gebied behorende bij het niveau van de discus doorgeven.
Na een beschadiging volgt de herstelfase volgens het Fibro-collageen repair systeem. De ontstekingsfase duurt 1-5 dagen, tot 21 dagen wordt de nieuwe architectuur aangelegd en in de 6-12 maanden daarna vindt er versteviging van het weefsel plaats. Hierna treedt er remodellering van het weefsel op. Het is dus zeer belangrijk te weten in welke fase er wat gedaan moet worden aan training en beweging.

Samengevat kan gesteld worden: BEWEGEN MOET! Niet bewegen heeft vele schadelijke effecten, niet alleen voor de diverse orgaansystemen, maar ook specifiek voor de rug. Natuurlijk probeert iedereen pijn te vermijden en wanneer bewegen pijnlijk is, wil je zo min mogelijk bewegen. Bij een acute rugklacht geldt ook zeker, dat bepaalde bewegingen in aanvang vermeden moeten worden, maar zodra de eerste acute fase over is, moet er alles aan gedaan worden om onderstaand disuse syndroom te voorkomen:
• Verlies van beweeglijkheid: verkorting weefselstructuren
• Verlies van belastbaarheid: krachtsverlies spiervezel
• Verlies van stabiliteit: conditieverlies spiervezel
• Verlies van coördinatie: afname reactievermogen zenuwstelsel
Disuse geeft achteruitgang van functioneren en zeker geen vermindering van pijn!